
Het kabinet kiest voor ingrijpende hervorming van de AWBZ, die alleen nog maar bestemd is voor het leveren van langdurige zorg aan mensen met ernstige beperkingen of aandoeningen. Dit staat in de hervormingsplannen van het kabinet voor de langdurige zorg voor ouderen, gehandicapten en chronische psychiatrische patiënten.
Het kabinet doet dit door decentralisatie van taken naar gemeenten en door burgers aan te spreken op hun eigen kracht. De stelselwijziging brengt met zich mee dat aanspraak op zorg (intra- en extramuraal) wijzigt en verantwoordelijkheden voor aanbod van zorg, wonen en begeleiding verschuiven. Corporaties en zorgorganisaties krijgen te maken met geheel andere uitgangspunten bij het huisvesten van ouderen met een zorgvraag.
Ongeveer 260.000 mensen met beperkingen ontvangen nu intramurale AWBZ-zorg. Zowel hun zorg- als hun huisvestingskosten worden gefinancierd uit de AWBZ. Het kabinet kiest ervoor om wonen en zorg te scheiden, hetgeen betekent dat cliënten zelf voor hun woonruimte gaan betalen. Bedoeling is dat bewoners van instellingen hierdoor meer keuzevrijheid krijgen en dat meer huisvestingsvarianten worden aangeboden om tegemoet te komen aan hun woonwensen.
Mensen met een zorgvraag die ervoor kiezen zelfstandig thuis te blijven wonen worden beter gefaciliteerd. Naast uiteraard zorgverleners ziet de minister hierbij ook een rol voor gemeenten en woningcorporaties. Daarover zal ze, na overleg met de minister van BZK, nog nader berichten. Ook een vervolg op het programma Beter thuis in de buurt is mogelijk. Het kabinet streeft ernaar om per 2014 te starten met het scheiden van wonen en zorg voor de cliënten met tenminste de lagere zorgzwaartepakketten (ZZPs) 1 en 2. Daarna kan het mogelijk over de hele linie doorgevoerd worden. Er zijn nog wel een aantal randvoorwaarden die nader uitgewerkt worden:
Scheiden van wonen en zorg hangt nauw samen met, na jarenlange onzekerheid, de introductie op 1 januari 2012 van integrale tarieven. Voor een cliënt in een verpleeg- of verzorgingshuis zal een AWBZ-vergoeding beschikbaar zijn voor zorg, maar ook voor huisvesting (normatieve huisvestingscomponent). Daardoor ontstaat wel een groter risico op leegstand en achterblijvende kwaliteit van huisvesting. De tarieven die bekend zijn gemaakt, zijn lager dan eerdere cijfers die werden gepresenteerd.
Voor nieuwbouw zal het nieuwe stelsel direct gelden, bestaande gebouwen kennen een overgangstermijn van zes jaar. Deze stappen beschouwt het kabinet als noodzakelijk om scheiden van wonen en zorg door te kunnen voeren. Het kabinet biedt geen oplossing aan voor het boekwaardeprobleem dat hierdoor ontstaat bij corporaties die verhuren aan zorgorganisaties.
Het persoonsgebonden budget voor mensen met een extramurale indicatie komt te vervallen per 2012 maar blijft wel beschikbaar voor wooninitiatieven. Bovendien krijgt het pgb een wettelijke status en wordt het budget per 1 januari 2012 met 5% verhoogd.
De staatssecretaris gaat bekijken welke barrières er bestaan voor pgb-zorgaanbieders om een toelating voor zorg in natura aan te vragen en om contractafspraken met zorgkantoren te maken. Ook bekijkt ze of deze voorzieningen ondergebracht kunnen worden bij het experiment met regelarme instellingen.
06-06-2011