
Voor woningcorporaties liggen er kansen in het collectief particulier opdrachtgeverschap en multicultureel bouwen, volgens onderzoek van FORUM, instituut voor multiculturele vraagstukken.
In opdracht van FORUM onderzocht Labyrinth welke doelgroepen zich in het bijzonder aangesproken voelen door multiculturele bouwprojecten, in hoeverre betrokkenheid van toekomstige bewoners bij het bouwproces van belang is en hoe deze betrokkenheid verbeterd kan worden. Het doel van het onderzoek was om verschillen tussen multiculturele en niet-multiculturele nieuwbouwprojecten in Nederland boven tafel te krijgen én het begrip 'multicultureel bouwen' te onderzoeken. De onderzoekers hebben drie multiculturele nieuwbouwprojecten (Mi Akoma di Color in Amsterdam, Le Medi en Biz Botuluyuz te Rotterdam) vergeleken met drie niet-multiculturele projecten (Durkijk in Casteren, Folkert Elsingastraat in Rotterdam en 't Hart van Noord in Utrecht).
De conclusies en aanbevelingen richten zich op het bouwproces in multiculturele wijken, de communicatie met allochtone woonconsumenten en het experimenteren met multiculturele nieuwbouw waarbij de klant zeggenschap heeft. De belangrijkste conclusies en aanbevelingen zijn:
Als alternatief voor de term 'multicultureel' bouwen noemen de onderzoekers 'pluriform bouwen met een culturele inslag.'
Het gaat namelijk niet altijd om bouwen vanuit een culturele achtergrond. Zij noemen een concreet voorbeeld: Surinaamse mensen wensen mogelijk vanwege hun culturele achtergrond een grote leefkeuken. Autochtonen kunnen deze wens eveneens hebben, maar deze wens wordt niet vanuit een bepaalde culturele achtergrond verklaard. "Het begrip 'diversiteit in wonen' of het onduidelijke 'multicultureel bouwen' moet niet te eng worden opgevat. Het moet juist niet om een label gaan. Er is behoefte aan nieuwe woonsferen, waartoe mensen die openstaan voor buren van verschillende komaf, zich door bepaalde overeenkomstige waarden aangetrokken voelen", aldus de inmiddels oudbestuurder Martien Kromwijk van de Rotterdamse corporatie Woonbron in het voorwoord van de publicatie.
10-08-2010